Interview: De praktijk
Aan het woord is Ellie, werkzaam bij het Centrum voor Wonen, Zorg en Welzijn (CWZW) Noord Holland als gezinsbegeleider bij de crisisafdeling op de vestiging Trompendaal.De jeugdzorg ligt onder vuur. Naast veel waardering voor het harde werk van de hulpverleners is er ook kritiek op het gebrek aan samenwerking en coördinatie rond probleemgezinnen, wat is jouw ervaring?Er zijn voorbeelden dat er prima wordt samengewerkt, soms lopen we vast. Het is mensenwerk, wat wil je horen?
We kunnen na alle kritiek wel een successtory gebruiken. Enige tijd geleden werden er drie kinderen uit één gezin bij ons aangemeld. De twee jongste kinderen konden in een opvanggezin worden geplaatst, het oudste kind, een jongen van 12, ging naar leefgroep “de Robben”.
Waarom moesten die kinderen eigenlijk uit huis? De kinderrechter heeft dit besloten. Er waren veel problemen en ruzie, dit was echt niet goed voor de kinderen. Een gezinsvoogd van Bureau Jeugdzorg kreeg de opdracht middels een kinderbeschermingsmaatregel, naar een goede oplossing voor deze kinderen te zoeken. Omdat er een grote familie was die ook in de buurt woonde, heeft de gezinsvoogd het gezin aangemeld voor een zgn. Familienetwerkberaad (FNB). Dankzij de inzet van de vader kwam de familie op heel korte termijn bij elkaar. Na de uithuisplaatsing kwam bij de familie en het gezin pas echt het besef welke schade kinderen kunnen oplopen in een onveilige thuissituatie.Zeven weken na de uithuisplaatsing hebben oma en opa de zorg voor de kinderen op zich genomen. De hele familie staat er achter. Broers en zusters zullen oma en opa waar nodig ondersteunen. De ouders zullen langere tijd nodig hebben om aan hun problemen te werken. Maar zij blijven betrokken bij de toekomst van hun kinderen.
Contacten verliepen goed Jammer dat die kinderen op aparte locaties werden opgevangen. Drie kinderen binnen één gezin of in één groep lukt om praktische redenen niet altijd. De kinderen en hun ouders zagen elkaar elke week tijdens het bezoek. De contacten tussen de gezinsleden verliepen goed. De gezinsvoogdes was bij de bezoeken aanwezig en had dus de informatie hoe de contacten verliepen uit de eerste hand. De moeder van het opvanggezin reed ook in het weekend regelmatig naar Trompendaal zodat de kinderen lekker samen konden spelen.
Hoe verliep de samenwerking met Bureau Jeugdzorg? Heel goed! De plaatsing duurde eigenlijk best kort, veel korter kan eigenlijk niet. Want de gezinsvoogd moet wel weten dat de vervolgsituatie veilig en verantwoord is. Dat gaat niet in een paar dagen. En een goede samenwerking zit hem in kleine dingen en is altijd mensenwerk, je kunt dat niet van bovenaf regelen.
Schitteren
Geef eens een voorbeeld? Het oudste jongetje, gek op voetbal, was vóór de uithuisplaatsing volop aan het trainen voor het schoolvoetbaltoernooi. Daar wilde hij natuurlijk schitteren!Gelukkig kon zijn mentor van “de Robben” voor hem regelen dat hij mocht meetrainen op zijn tijdelijke nieuwe school. Het was voor hem ook heel belangrijk dat hij zijn voetbalplaatjes kreeg die nog op school lagen. De gezinsvoogdes heeft hier voor gezorgd. En tijdens het voetballen werd hij aangemoedigd door.... zijn broertje en zusje en de moeder van het opvanggezin!
Bron: Nieuwsbrief Instellingenberaad Noord-Holland, juni 2010Tekst: Sjoerd Hollander