Het gezin moet het zelf doen!
Marnix Molenaar van de Brabantse Jeugdzorginstelling Tender werkt al zo’n tien jaar in de Jeugdzorg, waarvan zes jaar als ambulant jeugdhulpverlener. Marnix bezoekt en helpt gezinnen met uiteenlopende problemen. Hoe ziet het leven van de ambulante gezinshulpverlener eruit?
Marnix (35): “Geen dag is hetzelfde, dat allereerst. Ik heb gemiddeld vier tot zes gezinnen onder mijn hoede. De ene dag praat ik langdurig met een gezin over wat ze beleefd hebben, de andere dag help ik een alleenstaande moeder met het organiseren van het huishouden, en de volgende dag werk ik dossiers van diverse gezinnen bij.”
Wat voor soort gezinnen kom je tegen in je werk?“Heel uiteenlopend. Er wordt wel eens gedacht dat wij alleen maar werken met gezinnen in achterstandswijken, maar dat is niet zo. We komen ook bij gezinnen waarvan beide ouders werken, die het niet klaarspelen om hun kinderen voldoende aandacht te geven. Of bij hoogopgeleide ouders, waarvan er één ernstige psychiatrische klachten heeft. Maar ze hebben altijd problemen waar ze zonder hulp niet uitkomen: een echtscheiding, alcohol- of drugsproblemen, jeugdproblemen van de ouders die gaan opspelen bij de opvoeding van hun eigen kinderen, kindeigen problematiek of een moeilijke fase zoals de puberteit.”
Hoe worden de gezinnen waarmee jij werkt uitgezocht?“Een gezin gaat meestal naar het Bureau Jeugdzorg met een probleem. Dat bureau doet een eerste diagnose en verwijst op grond daarvan bijvoorbeeld naar Tender. Vervolgens wordt hier gekeken wie qua ervaring en capaciteit geschikt is om dit gezin te gaan helpen. Daarbij mag het gezin ook niet bekend zijn of in de buurt wonen bij de hulpverlener. Het is nu eenmaal niet verstandig dat je een gezin behandelt, dat je iedere dag in je privéleven kunt tegenkomen.” Vervolgens start er een kennismakingsperiode van zes weken. Daarin kijken we of het klikt tussen de leden van het gezin en mij, en op welke manier ik kan helpen. Ik praat met alle gezinsleden, en probeer hun gemeenschappelijke belangen te ontdekken. Zo’ n gezin is namelijk vaak vooral bezig met de onderlinge verschillen die tot problemen leiden. Ik ga
juist op zoek naar de overeenkomsten en gemeenschappelijke zaken. Zo kan het zijn dat een puberende dochter heel veel uit huis wil zijn, terwijl haar moeder nu juist wil dat ze gezellig thuis op de bank zit. Ik ga dan op zoek naar wat ze wel samen zouden kunnen doen. Dan stel ik een plan op, waarbij het belang van het gezin voorop staat en waar het gezin zelf ook achter staat. Want ze moeten het uiteindelijk wel zelf gaan doen”.
Het klinkt als een behoorlijke verantwoordelijkheid?“Inderdaad, als je een gemakkelijke kantoorbaan wilt, moet je niet in de Jeugdzorg gaan werken. Je moet behoorlijk wat bagage en inzet meebrengen. In de Jeugdzorg zul je je nooit vervelen, en zul je altijd kunnen leren en groeien, zowel in je vak als persoonlijk. En het levert veel persoonlijke bevrediging op. Het doet wat met je, als je ziet dat je door jouw inzet, kinderen een nieuwe kans kunt geven. Je speelt een kleine, maar wel een belangrijke rol in hun leven. Je bent voortdurend bezig met het gezin, en werkt samen met hen naar een oplossing. Je moet dus wel oplossingsgericht zijn, niet bang zijn voor complexe problemen.“
Hoe word jij door je werkgever geholpen?“Er is hier een team en een zorgcoördinator die je helpen en adviseren met de zaken waar je niet meteen zelf uitkomt. Je houdt gedurende de gehele periode ook contact met Bureau Jeugdzorg. Je collega’s kijken mee en adviseren bij lastige zaken. Maar je hebt ook veel zelfstandigheid, je mag heel veel zelf bepalen en je hebt dus veel flexibiliteit in je baan. Ik heb zelf een gezin met drie jonge kinderen, ik kan mijn werk combineren met dingen die ik voor mijn gezin moet doen. Het is een ideale baan voor mensen die parttime willen werken en flexibiliteit in hun tijdsbesteding willen houden. En het betaalt bovendien helemaal niet slecht.”
Welke karaktereigenschappen moet een jeugdhulpverlener hebben?“Je moet natuurlijk allereerst wel gevoel hebben voor kinderen en hun gezin. Je moet naast het gezin kunnen staan, maar niet opgaan in hun problemen. Je bent geen Florence Nigtingale; je moet soms stevig kunnen confronteren. Je moet ook kunnen omgaan met veel verschillende soorten mensen. Daarnaast moet je echt gemotiveerd zijn om problemen aan te pakken. Als je niet tegen een tegenvaller af en toe kunt, of alleen houdt van korte, snelle oplossingen, gaat het niet lukken. Ook moet je goed kunnen analyseren: je krijgt uiteenlopende verhalen en indrukken, je moet daaruit een overzicht krijgen, met altijd een resultaat in je achterhoofd.”
Waar sta je zelf over pakweg tien jaar?“Ik ben nu een managementopleiding aan het doen, en ik denk dat ik over een aantal jaren wel iets met beleid en ontwikkeling wil gaan doen of afdelingshoofd zou willen zijn. Ik heb dan behoorlijk wat ervaring, die ik kan inzetten om andere jeugdhulpverleners te helpen met hun werk. De ontplooiingskansen zijn hier bij Tender heel goed.”
>> meer verhalen van collega's