Collega aan het woordEen ambulant hulpverlener in de spoedhulp helpt gezinnen waar acute crisishulpverlening nodig is. Miranda Berkhout (42) werkt nu ongeveer zes jaar in de crisis-jeugdhulpverlening bij Lindenhout, een organisatie voor jeugdzorg in Gelderland.
Eerst werkte ze als Families First medewerkster en daarna bij de Spoedhulp. Het werk is intensief, uitdagend en soms erg ingewikkeld, maar kan ook veel voldoening geven. Miranda: "Mijn week is goed als ik voor mezelf weet dat ik er alles aan heb gedaan om een gezin te helpen."
Crisis of acuut probleemWanneer kunnen gezinnen van spoedhulp gebruik maken?"Gezinnen kunnen van spoedhulp gebruik maken als Bureau Jeugdzorg constateert dat er binnen het gezin een crisis of een acuut probleem bestaat, waar het gezin zonder jeugdhulpverlening niet meer uitkomt.
Dat kunnen allerlei verschillende problemen zijn zoals: opvoedings- en gezagsproblemen, psychosociale problemen, verslavingsproblematiek, geweld binnen het gezin en in sommige gevallen ook incestproblematiek.
Soms loopt een kind weg van huis en in bepaalde gevallen kunnen ouders de opvoeding van een kind niet meer aan en moet er tijdelijk een ander verblijf voor het kind gezocht worden."
Telkens een andere startHoe begint jouw rol als ambulante crisishulpverlener?"Mijn rol start iedere keer anders. Meestal hebben ouders of verzorgers het contact gevraagd, maar soms ook de school of de politie.
Ik ga altijd in gesprek met de betrokkenen om een goed beeld te krijgen. We beginnen met een kennismaking en het opbouwen van een werkrelatie. Hierbij wordt gekeken of de veiligheid van het kind en de gezinsleden gewaarborgd is."
Routines, rust en veiligheid"De basis is het herstellen van routines, rust en veiligheid. Hierna ga ik inventariseren wat het gezin nodig heeft om verder te kunnen. Als een kind bijvoorbeeld is weggelopen, proberen we vast te stellen of het op een veilige plek verblijft.
Als het geen veilige plek is, gaan we in overleg met betrokkenen en Bureau Jeugdzorg kijken of bijvoorbeeld de Raad voor Kinderbescherming moet ingrijpen."
Soms wel spannendVoel je jezelf wel eens bedreigd of onveilig in zo’n eerste contact?
"Ik voel me eigenlijk nooit bedreigd of onveilig. Ik vind het soms wel spannend om voor het eerst naar een gezin te gaan. Maar achteraf valt het meestal mee.
Ik probeer een neutrale houding aan te nemen. Ik weet dat problematisch gedrag meestal een achterliggende reden heeft. Mensen kiezen daar niet bewust voor, vaak hebben mensen een achtergrond die het gedrag veroorzaakt. Daar wil ik ze mee helpen."
Open, transparant en respectvol"Mensen hebben er recht op dat ik open, transparant en respectvol met hen om ga. Op het moment dat mensen dat ook zelf ervaren, kan ik hun vertrouwen winnen en kan ik ook moeilijke onderwerpen bespreekbaar maken. Dan valt de spanning weg en is er geen reden om je onveilig te voelen.
Ik ga vervolgens met het gezin aan de slag en probeer zoveel mogelijk normale routines, rust en veiligheid te herstellen. In een periode van vier weken onderzoek ik of vervolghulp nodig is of dat het kind mogelijk langer in een crisisopvang of in een pleeggezin moet verblijven."
Advies uitbrengen"Ik kan gemiddeld zo’n drie tot vier gezinnen in een periode van vier weken begeleiden. Aan het eind van mijn onderzoeksperiode breng ik een onderbouwd advies uit voor Bureau Jeugdzorg, die het vervolgtraject gaat regelen. Daarna is het uit mijn handen".
Verkeerde keuzes Kun je een praktijkvoorbeeld geven?"Een situatie die je aan kunt treffen is een gezin met een dochter van zeventien jaar die steeds de verkeerde keuzes maakt. Zij gedraagt zich op sociaal-emotioneel niveau als een meisje van veertien.
Ze gaat haar eigen gang, houdt zich niet aan regels, blijft nachten weg en trekt zich helemaal niets aan van de anderen. Haar moeder stelt haar uiteindelijk voor de keuze: je aan de regels houden of het huis uit. Dat klinkt heel bot, maar de ouders weten niet meer wat zij met haar aan moeten."
Steeds meer problemen"Het meisje wil geen hulp en gaat bij vrienden wonen. Bij deze vrienden wordt zij ook op straat gezet waardoor er nog meer problemen komen. Binnen drie weken is ze op zes crisisplaatsen. Ze verblijft nu bij een tante, maar de verwachting is dat het daar ook snel fout zal lopen."Maatregelen"In zo’n geval kun je een aantal maatregelen instellen: een persoonlijkheidsonderzoek, eventueel een traject richting zelfstandigheid en een raadsonderzoek door de Raad van Kinderbescherming. Indien nodig kan bij de rechtbank een Onder Toezicht Stelling (OTS) worden aangevraagd, zodat ze gedwongen wordt om hulp te aanvaarden."
Afstand bewarenIs het niet moeilijk om uiteindelijk zo’n cliënt los te laten?"Je moet leren om je cliënt los te laten. Het is niet mogelijk om alle problemen binnen vier weken op te lossen. Daar is vaak meer hulpverlening voor nodig.
Maar ik geef toe dat het niet altijd lukt om de verantwoordelijkheid los te laten. Er zijn altijd gezinnen die je wat doen en die ook iets met jou hebben. Het is dan wel eens lastig om op de juiste afstand te blijven."
Het houdt je scherp"Maar uiteindelijk lukt het wel, hoor! Het is een leerproces. In de Jeugdzorg is je persoonlijke ontwikkeling voortdurend in beweging. Dat is nodig: het houdt je scherp."
Verhaal achter het verhaalWat is het meest boeiende in jouw werk?
"Het boeiendste in mijn werk is het verhaal achter het verhaal. Een probleem of een crisis ontstaat vaak niet van het ene op het andere moment. Het is een aaneenschakeling van gebeurtenissen en daar reageer je als ouders of als kind op.
Interessant vind ik om patronen te ontdekken en deze bespreekbaar te maken. Super is het natuurlijk als je met bepaalde interventies deze patronen kan doorbreken zodat het gezin weer samen verder kan."
Inzicht, ervaring en deskundigheidHeb je adviezen voor mensen die dit werk willen gaan doen?"Voor dit werk heb je inzicht, ervaring en deskundigheid nodig. Mijn advies is: leer eerst werken met verschillende leeftijdsgroepen, bijvoorbeeld op een leefgroep met jongeren. Gebruik je ervaring om dan bijvoorbeeld in de ambulante hulpverlening te gaan werken. Belangrijk is: praat met elkaar, met je collega’s, maak gebruik van de kennis om je heen."
Betrokken en onpartijdig"Betrokkenheid en interesse in de gezinnen is een voorwaarde. Je moet meerzijdig partijdig kunnen zijn, een valkuil is een te sterke binding met cliënten. Als dat gebeurt dan ga je bondjes sluiten met ouders of de kinderen en dan verlies je je onpartijdigheid. Openheid en transparantie zijn dus heel belangrijk.
Je moet ook niet teveel zelf met oplossingen komen want dan gaat het gezin achterover leunen en krijg je ze niet in beweging. De oplossingen moeten van het gezin zijn, want dan zijn er veranderingen mogelijk."
>>meer verhalen van collega's